Noortje weblOgg
puoi sempre ricominciare
Wie is Noortje?
Vrouw, 33, woont in Eindhoven, blogt graag, verslaafd aan la bella Italia, toffifees en tomaat met mozarella en basilicum, schildklierloos, heeft een broer, een man (meneer Ogg) en een kat, advocaat, kijkt graag Mad Men en Wie is...de mol?, gaat nergens heen zonder haar gsm, houdt van cocktails drinken, schoenen, kekke jurkjes en muffins bakken, vond 2011 een bereisd jaar en gaat in 2012 skiën, Praag ontdekken en wijntjes drinken met de kookclub in het Zuiden des Lands.
| Noor e le stelle cadenti |
| woensdag 15 augustus 2007 00:00 | |||
|
Ook al ben ik er maar kort, Siena is toch een beetje mijn stad geworden. Piazza del Campo beschouw ik als mijn achtertuin. Het is de plek waar ik s middags even ga zitten om bij te komen van mijn lessen, de plek waar s avonds iedereen bij elkaar komt om de dag door te nemen en plannen te maken voor de komende avond. De meneer van de bar om de hoek bij school begint me al te kennen, de man waar ik s middags een stuk pizza haal, maakt een praatje en adviseert me dringend Chino (drankje in de kleur van Cola, maar niet zoet: verslavend!) te drinken. Maar nu is het tijd om afscheid te nemen. Een beetje melancholisch loop ik door de straten van Siena, Paolo Conte in m'n oren. Alles in me verzet zich tegen weggaan, zelfs fysiek heb ik last van het afscheid. En hoe erg ik het ook vind om weg te gaan, het is een geruststelling te merken dat afscheid nemen van Italië ook nu weer pijn doet. Dat dat niet afhankelijk is van de plaats waar ik ben of het gezelschap waar ik me in bevind. De afgelopen jaren was het pijnlijk afscheid te nemen van Italië en dat is het, gelukkig, nog steeds. En het wordt steeds erger. Italië is gelukkig ook het land waar ik het alleen naar m'n zin heb. Daarvoor heb ik niemand anders nodig.
Ik ga het missen: mijn dagelijkse ijsjes, il Palio komende donderdag, de caffè s ochtends, de mannen die je aanspreken om wat te babbelen, de zon, het onbezorgde, de Japaners met hun electronische woordenboeken, het even aan niets anders denken dan aan de vervoegingen van een werkwoord. Wanneer kom ik terug? Ik weet het niet. Weer alleen? Ik weet het niet. Hoe ziet mijn leven er dan uit? Ik weet het niet. Mijn laatste avond sta ik op la Torre del Mangia, de hoge toren op het plein in Siena. Het is San Lorenzo, de nacht van le stelle cadenti. Alleen op deze avond is de toren geopend en kan je tot middernacht genieten van het uitzicht. Ik besluit dat ik het uitzicht zeven euro waard vind en waag me aan de klim over smalle trappetjes met hoge treden. Even later hang ik over de balustrade en kijk naar beneden. Onder me zie ik een verlichte stad en een straat waar de contrada dell'Onda een feest heeft. Een feest zoals ik er zelf een aantal heb bezocht. Buiten de stadsmuren is de wereld zwart. In de verte zie ik de omtrek van de donkere heuvels, lichtjes van huizen en van auto's die hun weg zoeken door de nacht. In gedachten zie ik vertrouwde heuvels niet eens zo heel ver hier vandaan, een bekend huis waar het licht brandt en de openhaard aan is en mensen op me wachten. Onder me hoor ik de muziek van het feest en het geroezemoes van mensen die op het plein zitten. Door het dal rijdt een trein, op de snelweg in de verte auto's. Allemaal mensen die op weg zijn naar thuis. Ik sta alleen op de toren en voel de wind door m'n haren. Het is tijd om te gaan. Naar goed gebruik koop ik een staatslot en beloof ik mezelf dat, als ik win, ik subiet m'n spullen pak om in Italië een boek te gaan schrijven en tomaten en limone te kweken. Ik kijk naar boven in de hoop le stelle cadenti te zien en een wens te mogen doen. Een hele simpele wens die ik al heel lang in m'n hoofd heb. Nessuna è caduta.
Bookmark
Email this
Hits: 299 Trackback(0)
Comments (0)
![]() Write comment
|

Quotes enzo
| Παντα ρει και ουδεν μενει |
Lezen!
In one person - John Irving
Zoeken op de website

